ECLI:NL:HR:2000:AA9069
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- A.M.M. Orie
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in zaak poging zware mishandeling en bedreiging
Het gerechtshof te 's-Gravenhage heeft verdachte in hoger beroep veroordeeld tot achttien maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, wegens poging tot zware mishandeling en bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, telkens meermalen gepleegd. Verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest.
De Hoge Raad beoordeelde onder meer een verzoek tot verlenging van de termijn voor het indienen van cassatiemiddelen. Dit verzoek werd afgewezen omdat het niet tijdig was ingediend en niet voldeed aan de vereisten van artikel 437, tweede lid, Sv. De Hoge Raad oordeelde dat het feit dat de raadsman van verdachte geen gronden voor cassatie zag, geen reden is om een nadere termijn toe te kennen.
Verder werd een schriftuur die te laat was ingediend eveneens niet in behandeling genomen. De Hoge Raad vond geen aanleiding om het arrest van het hof ambtshalve te vernietigen en wees het cassatieberoep af.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling tot achttien maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk.