ECLI:NL:HR:2000:AA9090
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- A.G. Pos
- D.H. Beukenhorst
- P.J. van Amersfoort
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aftrekbaarheid kosten grafmonument volgens Chinese gebruiken bij inkomstenbelasting
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1994 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd die na bezwaar door de Inspecteur werd verminderd. Het Hof vernietigde deze uitspraak en stelde het belastbaar inkomen verder naar beneden bij, waarbij het ook de kosten voor een grafmonument deels als aftrekpost erkende.
De Staatssecretaris van Financiën stelde hiertegen beroep in cassatie in, stellende dat de kosten van het grafmonument buitensporig hoog waren en niet volledig aftrekbaar mochten zijn. De Hoge Raad overwoog dat de aftrekbaarheid van dergelijke kosten afhangt van het directe verband met het overlijden en of de kosten naar aard en omvang normaal zijn.
Het Hof had vastgesteld dat de kosten van het grafmonument direct verband hielden met het overlijden en dat deze, beoordeeld naar Chinese maatstaven en de status van de overledene, als bescheiden en normaal konden worden beschouwd. De Hoge Raad vond dit oordeel niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd en wees het cassatieberoep af.
Het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep van belanghebbende behoefde geen behandeling omdat het principale beroep ongegrond werd verklaard. De Staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de aftrekbaarheid van de kosten voor het grafmonument wordt bevestigd.