ECLI:NL:HR:2000:AA9094
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Ondernemerschap huisarts waarnemingen en fiscale kwalificatie inkomstenbelasting 1995
Belanghebbende, een huisarts die in 1995 waarnemingen verrichtte in diverse huisartsenpraktijken, gaf de opbrengsten daarvan aan als winst uit onderneming. De Inspecteur kwalificeerde deze opbrengsten als overige inkomsten uit arbeid. Het Hof stelde dat voor ondernemerschap voldoende zelfstandigheid en continuïteit vereist zijn, maar oordeelde dat de continuïteit ontbrak en kwalificeerde de inkomsten als overige inkomsten.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte de continuïteit onvoldoende had vastgesteld en dat de feiten wezen op een duurzaam karakter van de werkzaamheden. De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het Hof en verwees de zaak terug voor nadere beoordeling, met name of belanghebbende ondernemersrisico liep.
Daarnaast werd de Staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten en werd het griffierecht aan belanghebbende vergoed. Het arrest werd uitgesproken op 20 december 2000 door vijf raadsheren onder voorzitterschap van vice-president Jansen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nader onderzoek naar het ondernemersrisico.