ECLI:NL:HR:2001:AA9772

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 februari 2001
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R00/152HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • F.H.J. Mijnssen
  • O. de Savornin Lohman
  • A. Hammerstein
  • W.H. Heemskerk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening machtiging voortgezet verblijf in psychiatrisch ziekenhuis bevestigd door Hoge Raad

De Officier van Justitie heeft een vordering ingediend voor het verlenen van een machtiging tot voortgezet verblijf van verzoekster in een psychiatrisch ziekenhuis, gebaseerd op een geneeskundige verklaring. De Rechtbank heeft na hoorzitting van verzoekster en haar behandelend arts de machtiging voor zes maanden verleend.

Verzoekster heeft hiertegen beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal heeft in zijn conclusie voorgesteld het beroep te verwerpen. De Hoge Raad heeft het middel van verzoekster beoordeeld en geoordeeld dat het faalt op de gronden zoals uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal.

Daarop heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en de beschikking van de Rechtbank gehandhaafd. De uitspraak is gedaan door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer op 2 februari 2001.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de machtiging tot voortgezet verblijf wordt verlengd.

Uitspraak

2 februari 2001
Eerste Kamer
Rek.nr. R00/152HR
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoekster], wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. G.E.M. Later.
1. Het geding in feitelijke instantie
De Officier van Justitie in het arrondissement Amsterdam heeft op 4 september 2000 onder overlegging van een op 31 augustus 2000 ondertekende geneeskundige verklaring een vordering ingediend bij de Rechtbank aldaar tot het verlenen van een machtiging tot voortgezet verblijf van verzoekster tot cassatie - verder te noemen: verzoekster - in een psychiatrisch ziekenhuis.
Nadat de Rechtbank verzoekster, bijgestaan door haar advocaat, en de behandelend arts op 26 september 2000 had gehoord, heeft zij bij beschikking van 26 september 2000 de machtiging tot voortgezet verblijf van verzoekster in een psychiatrisch ziekenhuis verleend voor de duur van zes maanden, ingaande op 27 september 2000 en eindigende op 26 maart 2001.
De beschikking van de Rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de Rechtbank heeft verzoekster beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
Het middel faalt op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal Langemeijer.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president F.H.J. Mijnssen als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman en A. Hammerstein, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 2 februari 2001.