ECLI:NL:HR:2001:AB2391
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H.J. Mijnssen
- W.H. Heemskerk
- C.H.M. Jansen
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt auteursrechtelijke bescherming van spelvormgeving en verbiedt nabootsing
In deze zaak stond centraal de vraag of de vormgeving en uitwerking van diverse gezelschapsspellen auteursrechtelijke bescherming genieten en of de spellen van Impag c.s. inbreuk maken op de rechten van MB c.s. De President van de Rechtbank Amsterdam had in kort geding een verbod opgelegd aan Impag c.s. om de spellen te verhandelen die volgens MB c.s. inbreuk maakten op hun auteursrechten. Het Gerechtshof Amsterdam vernietigde dit vonnis gedeeltelijk en formuleerde het verbod opnieuw, waarbij het oordeelde dat sommige spelvormgevingen voldoende oorspronkelijk zijn om auteursrechtelijke bescherming te genieten, terwijl andere dat niet zijn.
De Hoge Raad bevestigt dat de vormgeving van spellen zoals Jenga, Wie is het, Vier op 'n Rij en Valkuil auteursrechtelijk beschermd kan zijn, ook als het spelconcept zelf niet altijd oorspronkelijk is. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de nabootsing door Impag c.s. van deze spellen, waaronder de spellen Crazy Tower, Mystery Person, Four Wins, Ball Trap en Sea Battle, onrechtmatig is vanwege het gevaar voor verwarring en het systematisch kopiëren van vormgeving en bijkomende elementen.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het Gerechtshof ’s-Gravenhage voor verdere behandeling. Tevens veroordeelt de Hoge Raad MB c.s. in de kosten van het geding in cassatie. De uitspraak benadrukt het belang van bescherming van de creatieve uitwerking en vormgeving van spellen onder het auteursrecht en bevestigt de mogelijkheid tot verbod op nabootsing die verwarring veroorzaakt.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het Gerechtshof ’s-Gravenhage voor verdere behandeling.