ECLI:NL:HR:2001:AB3142
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- A.M.M. Orie
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in beroep tegen afwijzing verzoek kwijtschelding strafvordering
Betrokkene had een verzoek tot kwijtschelding, subsidiair vermindering, ingediend bij de Arrondissementsrechtbank te Haarlem, dat werd afgewezen. Hiertegen stelde betrokkene beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. Echter werden geen middelen van cassatie ingediend door of namens betrokkene.
De Advocaat-Generaal concludeerde dat de Hoge Raad betrokkene niet-ontvankelijk moest verklaren in het beroep, omdat artikel 445 van Pro het Wetboek van Strafvordering bepaalt dat beroep in cassatie alleen openstaat in wettelijk bepaalde gevallen. Voor de onderhavige beschikking is geen wettelijke bepaling die cassatie openstelt.
De Hoge Raad volgde deze conclusie en verklaarde betrokkene niet-ontvankelijk in zijn beroep. De beschikking werd gegeven door de vice-president Davids en raadsheren Orie en de Savornin Lohman, uitgesproken in raadkamer op 25 september 2001.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in het beroep in cassatie tegen de afwijzing van het verzoek tot kwijtschelding.