ECLI:NL:HR:2001:AD4002
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H.J. Mijnssen
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verlenging alimentatietermijn na echtscheiding volgens Wijzigingswet Boek 1 BW
De vrouw verzocht de rechtbank te bepalen dat de alimentatieverplichting van de man niet eindigt vóór 8 december 2008 en dat deze termijn verlengbaar is. De rechtbank wees dit verzoek af en het hof bekrachtigde deze beslissing, stellende dat verlenging niet mogelijk was. De vrouw stelde cassatie in tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof een onjuiste rechtsopvatting had door impliciet te concluderen dat verlenging van de alimentatietermijn niet mogelijk was zonder een uitdrukkelijke rechterlijke bepaling. Tevens werd geoordeeld dat artikel II lid 3 van de Wijzigingswet Alimentatie (WLA) niet van toepassing is zolang de alimentatieverplichting niet definitief is beëindigd.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing. Hiermee werd bevestigd dat verlenging van alimentatie mogelijk blijft tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald door de rechter.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak voor verdere behandeling naar het Gerechtshof Amsterdam.