ECLI:NL:HR:2001:AD4029
Hoge Raad
- Cassatie
- C.H.M. Jansen
- J.B. Fleers
- A.G. Pos
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Cassatie van beschikking inzake terugvordering door de Gemeente Groningen
In deze zaak heeft de Gemeente Groningen, vertegenwoordigd door de verweerster in cassatie, een verzoekschrift ingediend bij het Kantongerecht te Groningen op 16 juli 1997. De Gemeente verzocht om vaststelling van een bedrag van ƒ 16.578,39 dat door de verzoekers tot cassatie, de vrouw en de man, aan de Gemeente zou worden betaald. Tevens werd verzocht om vaststelling dat de Gemeente de totaalsom van het terug te vorderen bedrag, verminderd met wat daarop inmiddels is betaald, terstond kan invorderen. De verzoekers hebben het verzoek bestreden, maar de Kantonrechter heeft op 26 mei 2000 het verzoek toegewezen. Hierop hebben de verzoekers hoger beroep ingesteld bij de Rechtbank te Groningen, die op 23 januari 2001 de beschikking van de Kantonrechter heeft bekrachtigd. Tegen deze beschikking hebben de verzoekers cassatie ingesteld. De Gemeente heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft de zaak beoordeeld en vastgesteld dat de klachten in het cassatiemiddel niet tot cassatie kunnen leiden. Dit is in overeenstemming met artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie, dat bepaalt dat geen nadere motivering nodig is wanneer de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. De Hoge Raad heeft op 30 november 2001 de beschikking gegeven en het beroep verworpen. De uitspraak is openbaar uitgesproken door raadsheer A. Hammerstein.