ECLI:NL:HR:2001:AD4298
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over uitlevering bij verstekvonnis en toepasselijke verdragsartikelen
De Hoge Raad behandelde een cassatieberoep tegen een uitspraak van de Arrondissementsrechtbank Maastricht over een uitleveringsverzoek van Italië. De opgeëiste persoon was veroordeeld bij verstek, maar er was hoger beroep ingesteld. De verdediging voerde aan dat uitlevering ontoelaatbaar was omdat het vonnis bij verstek was gewezen en het recht op verdediging niet voldoende was gewaarborgd.
De Rechtbank verwierp dit verweer omdat de opgeëiste persoon in eerste aanleg door een raadsman was bijgestaan en ook in hoger beroep vertegenwoordigd zou worden. De Hoge Raad bevestigde dat uitlevering niet kan worden geweigerd indien hoger beroep is ingesteld, omdat dan het recht op verdediging gewaarborgd is volgens het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.
De Hoge Raad vernietigde de bestreden uitspraak echter voor zover daarin onjuist artikel 11 van Pro het Europees Uitleveringsverdrag en de Schengen Uitvoeringsovereenkomst waren vermeld en voegde artikel 12 van Pro het Europees Uitleveringsverdrag toe als toepasselijke verdragsbepaling. Het beroep werd voor het overige verworpen en de uitlevering werd toegelaten.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt toelaatbaarheid van uitlevering ondanks verstekvonnis en wijzigt toepasselijke verdragsartikelen.