ECLI:NL:HR:2002:AD4924

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 januari 2002
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
C00/106HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • R. Herrmann
  • H.A.M. Aaftink
  • O. de Savornin Lohman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt bekrachtiging vonnis in civiele koopovereenkomst geschil

In deze zaak vorderde Bellevue wijziging van de gevolgen van een koopovereenkomst, waarbij zij een bedrag boven de overeengekomen koopsom wilde ontvangen. Eiseres bestreed deze vordering en stelde een eigen vordering in reconventie, die in cassatie niet meer relevant was.

De rechtbank veroordeelde eiseres tot betaling van een bedrag aan Bellevue, vermeerderd met wettelijke rente. Eiseres ging in hoger beroep tegen dit vonnis, met het verzoek het vonnis te vernietigen en Bellevue niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel de vordering af te wijzen en een bedrag aan eiseres toe te kennen.

Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank. Tegen dit arrest stelde eiseres beroep in cassatie in. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep zonder nadere motivering. Eiseres werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het arrest van het hof bekrachtigd.

Uitspraak

18 januari 2002
Eerste Kamer
Nr. C00/106HR
SB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,
t e g e n
BELLEVUE ROERMOND C.V., gevestigd te Roermond,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Verweerster in cassatie - verder te noemen: Bellevue - heeft bij exploit van 5 juli 1996 eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - gedagvaard voor de Rechtbank te 's-Gravenhage en gevorderd de gevolgen van de in de inleidende dagvaarding bedoelde koopovereenkomst te wijzigen in dier voege dat het nadeel daaruit voor Bellevue zodanig zal worden hersteld, dat [eiseres] - behoudens rente en kosten - boven de overeengekomen koopsom alsnog zal hebben te betalen de som van ƒ 144.429,56 en op grond van deze wijziging, [eiseres] te veroordelen om aan Bellevue te betalen de som van ƒ 152.922,44, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten.
[Eiseres] heeft de vordering bestreden en harerzijds een vordering in reconventie ingesteld. Deze vordering speelt in cassatie geen rol meer.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 12 november 1997 in conventie [eiseres] veroordeeld om aan Bellevue te voldoen een bedrag van ƒ 145.429,56, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 januari 1996 tot aan de dag der algehele voldoening over een bedrag van ƒ 144.429,56.
Tegen dit vonnis heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage. [Eiseres] heeft gevorderd het vonnis van de Rechtbank van 12 november 1997 te vernietigen en, opnieuw rechtdoende, Bellevue niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering, althans deze vordering af te wijzen en Bellevue alsnog te veroordelen aan [eiseres] te betalen een bedrag van ƒ 20.000,--, althans ƒ 10.573,66, althans een bedrag als het Gerechtshof in goede justitie zal bepalen, te vermeerderen met de wettelijke rente.
Bij arrest van 21 december 1999 heeft het Hof het bestreden vonnis bekrachtigd.
Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het Hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen de niet verschenen Bellevue is verstek verleend.
De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Bellevue begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren R. Herrmann, als voorzitter, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 18 januari 2002.