ECLI:NL:HR:2002:AD9096
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting ondanks detentie belastingplichtige
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting opgelegd over de periode van 19 oktober 1999 tot en met 18 januari 2000, inclusief een boete. Deze aanslag werd gehandhaafd na bezwaar en het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond.
Belanghebbende was gedurende het naheffingstijdvak gedetineerd en probeerde de belastingplicht te schorsen op grond van artikel 19 van Pro de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994, maar dit mislukte omdat de financieringsmaatschappij niet meewerkte.
De Hoge Raad oordeelde dat de belastingplicht rust op degene op wiens naam het kenteken staat geregistreerd, ongeacht detentie of pogingen tot schorsing. De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting tegen belanghebbende.