ECLI:NL:HR:2002:AD9604
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter bij contractuele en onrechtmatige daad vorderingen inzake douane-expeditie
In deze zaak vordert Spectra betaling van bedragen van Ziegler, een douane-expediteur, en stelt Ziegler op haar beurt een reconventionele schadevergoeding wegens tekortkomingen in de uitvoering van de inklaringsovereenkomst. De Rechtbank Rotterdam verklaart zich bevoegd op grond van art. 5 sub Pro 3 EEX voor de reconventionele vordering en wijst de vordering van Spectra toe. Het Hof bekrachtigt dit oordeel en verwijst de zaak terug voor verdere afdoening.
Spectra betwist in cassatie de bevoegdheid van de Rechtbank Rotterdam, stellende dat onvoldoende is gemotiveerd dat de contractuele verbintenis in Rotterdam moet worden uitgevoerd. De Hoge Raad oordeelt dat het Nederlandse recht, waaronder de FENEX-voorwaarden met rechtskeuze voor Nederlands recht, bepalend is en dat de contractuele verplichting tot het verstrekken van juiste informatie en documenten in Rotterdam moet worden uitgevoerd.
Verder bevestigt de Hoge Raad dat de Rechtbank Rotterdam bevoegd is op grond van zowel art. 5 sub Pro 1 EEX (contractuele verbintenis) als art. 5 sub Pro 3 EEX (onrechtmatige daad), omdat de vordering van Ziegler deels op contract en deels op onrechtmatige daad is gebaseerd. Het beroep van Spectra wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de bevoegdheid van de Rechtbank Rotterdam en verwerpt het cassatieberoep van Spectra.