ECLI:NL:HR:2002:AE1539
Hoge Raad
- Cassatie
- C.H.M. Jansen
- J.B. Fleers
- P.C. Kop
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering tegen de Staat wegens onrechtmatige daad
Eiseressen hebben de Staat gedagvaard voor een vordering van ƒ 24.544,-- vermeerderd met wettelijke rente, welke door de rechtbank en het hof werd afgewezen. Na bestreden vonnis en arrest hebben eiseressen cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep onderzocht en geoordeeld dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden. De Hoge Raad ziet geen noodzaak tot nadere motivering omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
Het beroep wordt verworpen en eiseressen worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee blijft het oordeel van het hof dat de vordering van eiseressen ongegrond is, ongewijzigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseressen wordt verworpen en zij worden veroordeeld in de kosten.