ECLI:NL:HR:2002:AE9616
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Hof bij beroep tegen uitnodiging tot betaling rechten bij invoer
Belanghebbende ontving een schriftelijke uitnodiging tot betaling van rechten bij invoer, bestaande uit douanerechten en landbouwheffingen, vermeerderd met compenserende interesten. Tegen de afwijzing van bezwaar door de Inspecteur werd beroep ingesteld bij het Hof, dat zich onbevoegd verklaarde omdat de Tariefcommissie en het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevoegd zijn voor respectievelijk douanerechten en landbouwheffingen.
Belanghebbende stelde dat het Hof wel bevoegd was omdat de uitnodiging niet gesplitst was en onduidelijk was welk deel betrekking had op welke rechten. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht onbevoegd was, ook al had de Inspecteur geen afzonderlijke uitnodigingen vastgesteld.
Een middel dat stelde dat voor compenserende interesten het College van Beroep niet bevoegd zou zijn maar de Tariefcommissie, werd gegrond verklaard maar leidde niet tot cassatie omdat het Hof zich ook voor die belangen terecht onbevoegd had verklaard.
De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskosten af.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat het Hof onbevoegd is bij beroep tegen de uitnodiging tot betaling van rechten bij invoer.