ECLI:NL:HR:2003:AE9093
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot beroep tegen administratieve sanctie bij overschrijding maximumsnelheid
De zaak betreft een administratieve sanctie van zestig gulden opgelegd aan Contract Lease Beheer B.V. als kentekenhouder wegens overschrijding van de maximumsnelheid op een provinciale weg. De feitelijke overtreder, betrokkene, stelde beroep in bij de officier van justitie en later bij de kantonrechter, maar werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van een machtiging van de kentekenhouder.
Het hof vernietigde deze beslissing en oordeelde dat de feitelijke overtreder ook beroep kon instellen, omdat hij de sanctie feitelijk moest betalen en aansprakelijk kon worden gesteld door de kentekenhouder. De Hoge Raad stelt echter dat de WAHV een gesloten stelsel van beroepsmogelijkheden kent, waarbij alleen de kentekenhouder beroep kan instellen tegen de sanctie.
De Hoge Raad benadrukt dat het recht op toegang tot de rechter (art. 6 EVRM Pro) niet meebrengt dat de feitelijke overtreder zelf beroep kan instellen als de sanctie aan de kentekenhouder is opgelegd. Het arrest van het hof wordt vernietigd en het beroep van betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard. De zaak wordt terugverwezen naar de kantonrechter voor verdere behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat alleen de kentekenhouder beroep kan instellen tegen de administratieve sanctie en verklaart het beroep van de feitelijke overtreder niet-ontvankelijk.