ECLI:NL:HR:2003:AF3803
Hoge Raad
- Cassatie
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- H.A.M. Aaftink
- A.G. Pos
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie in faillissementsvordering curator
In deze zaak vorderde de curator in faillissement betaling van een aanzienlijk bedrag van eiser, welke vordering door eiser werd bestreden. De curator had haar vordering meerdere malen verhoogd tijdens de procedure bij de rechtbank Amsterdam. Na tussenvonnissen en bewijslevering werd het geschil voorgelegd aan het hof Amsterdam, dat het vonnis vernietigde en eiser veroordeelde tot betaling van een deel van de gevorderde som, met rente en tegenbewijs toegelaten.
Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De curator verscheen niet in cassatie, waardoor verstek werd verleend. De advocaat-generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
Het arrest werd gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken op 25 april 2003. Hiermee werd het arrest van het hof bevestigd en het cassatieberoep verworpen, waarbij eiser werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het hof waarin eiser werd veroordeeld tot betaling aan de curator.