ECLI:NL:HR:2003:AF4639

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 april 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R02/083HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RORijkswet op het NederlanderschapWet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt verzoek tot vaststelling Nederlandse nationaliteit

Verzoekster heeft bij de Rechtbank te 's-Gravenhage een verzoek ingediend om vast te stellen dat zij de Nederlandse nationaliteit bezit. De Rechtbank heeft dit verzoek na mondelinge behandeling afgewezen. Verzoekster stelde hiertegen beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Staat heeft verzocht het cassatieberoep te verwerpen en de Advocaat-Generaal heeft eveneens geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad heeft het middel van verzoekster beoordeeld en geoordeeld dat de klachten niet leiden tot cassatie, mede omdat deze geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.

Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en het verzoek tot vaststelling van de Nederlandse nationaliteit afgewezen. De beschikking is in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 11 april 2003.

Uitkomst: Het beroep in cassatie van verzoekster wordt verworpen en het verzoek tot vaststelling van de Nederlandse nationaliteit afgewezen.

Uitspraak

11 april 2003
Eerste Kamer
Rek.nr. R02/083HR
JMH
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoekster], wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. J. Groen,
t e g e n
DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Justitie), gevestigd te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. H.A. Groen.
1. Het geding in feitelijke instantie
Met een op 21 december 2000 ter griffie van de Rechtbank te 's-Gravenhage ingediend verzoekschrift heeft verzoekster tot cassatie - verder te noemen: [verzoekster] - zich gewend tot die Rechtbank en verzocht vast te stellen dat zij de Nederlandse nationaliteit bezit.
Verweerder in cassatie - verder te noemen: de Staat - heeft bij brief van 20 maart 2002 op het verzoek gereageerd.
De Rechtbank heeft na mondelinge behandeling op 20 juni 2002 bij beschikking van 25 juli 2002 het verzoek afgewezen.
De beschikking van de Rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de Rechtbank heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal in buitengewone dienst J.K. Moltmaker strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, A.G. Pos en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 11 april 2003.