ECLI:NL:HR:2003:AF6779
Hoge Raad
- Cassatie
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in civiele vordering tussen La Fontana en Igeb c.s.
In deze civiele zaak vorderde Igeb c.s. betaling van een bedrag van ƒ 472.104,88 van La Fontana en Ceres Chemical Tankers Limited. La Fontana betwistte de vordering primair jegens Ceres en subsidiair jegens zichzelf. De rechtbank Rotterdam liet bewijslevering toe en gelastte een comparitie van partijen. Het hof 's-Gravenhage bekrachtigde de tussenvonnissen en verwees de zaak terug naar de rechtbank voor verdere afdoening.
La Fontana stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde La Fontana in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee bleef het arrest van het hof in stand en werd de vordering van Igeb c.s. bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van La Fontana wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het geding.