ECLI:NL:HR:2003:AF7540

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 juli 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R02/011HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • R. Herrmann
  • D.H. Beukenhorst
  • O. de Savornin Lohman
  • A. Hammerstein
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt veroordeling Orco Bank tot betaling en overdracht aandelen Aruba Bank

De zaak betreft een geschil tussen Orco Bank N.V., gevestigd op Curaçao, en een wederpartij gevestigd op Aruba over de overdracht van aandelen in Aruba Bank N.V. en de betaling van een meerprijs. Verweerster heeft in kort geding gevorderd dat Orco Bank een bedrag van Afl. 16.133.000,-- betaalt tegen overdracht van haar aandelen (49%) in Aruba Bank, met zekerheidstelling door middel van een pandrecht.

Het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba wees deze vordering af, maar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba vernietigde dit vonnis en veroordeelde Orco Bank tot betaling van het bedrag en overdracht van de aandelen, met een termijn van 30 dagen en uitvoerbaarheid bij voorraad.

Orco Bank stelde beroep in cassatie in tegen dit vonnis. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van Orco Bank niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep. De Hoge Raad veroordeelde Orco Bank tevens in de kosten van het cassatiegeding.

Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het vonnis dat Orco Bank veroordeelt tot betaling en overdracht van aandelen.

Uitspraak

11 juli 2003
Eerste Kamer
Nr. R02/011HR
JMH
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
de vennootschap naar Nederlands Antilliaans recht ORCO BANK N.V.,
gevestigd op Curaçao, Nederlandse Antillen,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. R.S. Meijer,
t e g e n
[Verweerster],
gevestigd op [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. J.W.H. van Wijk.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 29 november 2000 ter griffie van het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, hierna: het Gerecht, ingekomen verzoekschrift heeft verweerster tot cassatie - verder te noemen: [verweerster] - zich in kort geding gewend tot dat Gerecht en gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, eiseres tot cassatie - verder te noemen: Orco Bank - te veroordelen om aan [verweerster] (bij wege van voorschot) te betalen een bedrag van Afl. 16.133.000,-- tegen overdracht van al haar aandelen (49%) van Aruba Bank aan Orco Bank en ten gunste van [verweerster] bij de overdracht een pandrecht te vestigen ter zekerheid van betaling van de door Orco Bank aan [verweerster] te betalen meerprijs voor die aandelen, onder verbeurte van een dwangsom van Afl. 15.000.000,-- bij niet nakoming van dit bevel tot vestiging van pandrecht.
Orco Bank heeft de vordering bestreden.
Het Gerecht heeft bij vonnis van 11 januari 2001 de vordering afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft [verweerster] hoger beroep ingesteld bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, hierna: het Hof.
Bij vonnis van 18 december 2001 heeft het Hof het bestreden vonnis van het Gerecht vernietigd en, opnieuw rechtdoende, Orco Bank veroordeeld tot betaling (bij wijze van voorschot) aan [verweerster] van Afl. 16.133.000,-- tegen onbezwaarde overdracht door [verweerster] van al haar aandelen Aruba Bank N.V. (49%) aan Orco Bank, binnen 30 dagen na betekening van dit vonnis, en dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Het vonnis van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van het Hof heeft Orco Bank beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerster] heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [verweerster] mede door mr. M.W. Scheltema, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Orco Bank in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 4.607,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R. Herrmann als voorzitter en de raadsheren D.H. Beukenhorst en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 11 juli 2003.