ECLI:NL:HR:2003:AI0272
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing van vordering tot opheffing beslag door ontvanger belastingdienst
Eiser heeft de ontvanger van de belastingdienst gedagvaard om de beslagen op zijn perceel en roerende zaken op te heffen of te verbieden deze te executeren. De president van de rechtbank Amsterdam wees de gevraagde voorziening af. Eiser ging in hoger beroep bij het gerechtshof Amsterdam, dat eveneens de vordering afwees en het vonnis van de president bekrachtigde.
Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De advocaat-generaal adviseerde het beroep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwierp het beroep en veroordeelde eiser in de kosten van het cassatiegeding. Hiermee bleef het arrest van het hof ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het hof dat de vordering tot opheffing van beslag afwijst.