ECLI:NL:HR:2003:AI0280
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Verrekening in faillissement bij subrogatie en toepassing Faillissementswet artikelen 53 en 54
De curatoren in het faillissement van Juno Properties V B.V. vorderden betaling van een bedrag dat het aandeel van Juno in het vermogen van de vennootschap onder firma vertegenwoordigt. Verweerster stelde dat deze schuld verrekend moest worden met haar vordering op Juno, die zij verkreeg door subrogatie na betaling van een hypotheekvordering aan de houdstermaatschappij.
De rechtbank wees de vordering van de curatoren af op grond van verrekening en het hof bevestigde dit oordeel. Het hof stelde dat de schuld en de vordering van verweerster voortvloeien uit handelingen van vóór het faillissement en dat art. 53 Faillissementswet Pro verrekening toestaat. Art. 54 lid 2 Faillissementswet Pro, dat verrekening bij overneming van vorderingen uitsluit, was volgens het hof niet van toepassing omdat er geen sprake was van overneming.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en oordeelde dat de subrogatie niet gelijkstaat aan overneming van een vordering in de zin van art. 54 lid 2 Faillissementswet Pro. De aflossing had niet tot doel verrekening mogelijk te maken, maar het voorkomen van uitwinning van het kantoorgebouw. Hiermee werd de vordering van de curatoren afgewezen en werd verweerster niet gehouden tot betaling van het gevorderde bedrag.
De Hoge Raad veroordeelde de curatoren in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat verrekening in faillissement bij subrogatie is toegestaan.