ECLI:NL:HR:2003:AI0309
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens tussenvonnis zonder eindbeslissing
In deze zaak vorderde de verweerster betaling van een geldbedrag en kosten van beslaglegging van eisers bij de rechtbank Rotterdam. Na verstekvonnis en verzet werd de zaak voortgezet en verwezen naar het gerechtshof. Het hof bekrachtigde het vonnis en verwees de zaak terug naar de rechtbank voor verdere behandeling, waardoor het arrest een tussenvonnis vormde.
Eisers stelden beroep in cassatie in tegen dit tussenvonnis. De Hoge Raad oordeelde dat op grond van de Wet van 6 december 2001 en artikel 401a lid 2 Rv cassatie tegen een tussenvonnis slechts gelijktijdig met het eindvonnis kan worden ingesteld, tenzij uitzonderingen van toepassing zijn. Het arrest van het hof betrof geen eindvonnis, maar een tussenvonnis zonder voorlopige voorziening.
Daarom verklaarde de Hoge Raad het cassatieberoep niet-ontvankelijk en veroordeelde eisers in de kosten van het geding in cassatie. Dit arrest bevestigt de strikte toepassing van de regels omtrent cassatie tegen tussenvonnissen in het vernieuwde procesrecht.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het arrest een tussenvonnis betreft waartegen cassatie slechts met het eindarrest kan worden ingesteld.