ECLI:NL:HR:2003:AJ1457
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling moeder voor medeplegen moord op dochter wegens eerwraak
De zaak betreft de moord op een zestienjarig meisje door haar ouders wegens haar buitenechtelijke gemeenschap. De moeder werd door het Hof veroordeeld voor medeplegen van moord, onder meer omdat zij niet had gedistantieerd van de voorgenomen moord en actief deelnam door mee te rijden en de sleutel van de woning te bezitten waar de moord plaatsvond.
De verdediging voerde aan dat de moeder vanwege haar ondergeschikte positie en culturele achtergrond niet kon worden verweten zich te distantiëren en dat zij mogelijk onder druk stond. Ook werd gesteld dat zij geen directe geweldshandelingen had verricht en mogelijk alleen getuige was.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht had geoordeeld dat de moeder bewust en nauw had samengewerkt met de mededaders. Haar aanwezigheid, het bezit van de sleutel en het niet distantiëren van de moord waren voldoende voor medeplegen. Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling tot zes jaar gevangenisstraf bleef in stand.
De uitspraak benadrukt dat medeplegen niet alleen fysieke handelingen vereist, maar ook het bewust deelnemen en instemmen met het delict, ook door nalaten van distantiëren. Culturele en familiale druk kunnen dit niet rechtvaardigen als verweer.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van de moeder tot zes jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord op haar dochter.