ECLI:NL:HR:2003:AL7077

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 november 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R03/108HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • R. Herrmann
  • D.H. Beukenhorst
  • O. de Savornin Lohman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 288 FaillissementswetArt. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot toepassing wettelijke schuldsanering afgewezen door Hoge Raad

Verzoeker heeft op 13 mei 2003 een verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsanering ingediend bij de rechtbank te Almelo. Deze rechtbank wees het verzoek bij vonnis van 8 juli 2003 af. Verzoeker ging in hoger beroep bij het gerechtshof te Arnhem, dat het vonnis van de rechtbank bij arrest van 28 augustus 2003 bekrachtigde.

Tegen dit arrest stelde verzoeker beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.

De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee de afwijzing van het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsanering. Dit arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 14 november 2003.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsanering afgewezen.

Uitspraak

14 november 2003
Eerste Kamer
Rek.nr. R03/108HR
JMH/AT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[verzoeker], wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 13 mei 2003 gedateerd verzoekschrift heeft verzoeker tot cassatie - verder te noemen: [verzoeker] - zich gewend tot de rechtbank te Almelo en toepassing van de wettelijke schuldsanering verzocht.
Het verzoek is ter terechtzitting van 1 juli 2003 behandeld.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 8 juli 2003 het verzoek afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.
Bij arrest van 28 augustus 2003 heeft het hof voormeld vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 10 oktober 2003 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R. Herrmann als voorzitter en de raadsheren D.H. Beukenhorst en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 14 november 2003.