ECLI:NL:HR:2003:AN7890
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vernietiging ontbindingsvergoeding wegens bedrog bij arbeidsovereenkomst
Verzoekster was in dienst bij Coöperatieve Rabobank Gorinchem en er werd overeenstemming bereikt over de beëindiging van haar dienstverband met een vergoeding van €13.000 bruto. De kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst per 1 augustus 2002 en kende de vergoeding toe. De bank verzocht later de beschikking te herzien wegens bedrog, omdat verzoekster had verzwegen dat zij elders in dienst kon treden.
De kantonrechter herzag de beschikking en vernietigde de vergoeding, omdat verzoekster haar informatieplicht had geschonden door het aanbod voor een nieuwe baan niet te melden. Verzoekster stelde dat de bank niet ontvankelijk was en dat er geen bedrog was, maar deze verweren werden verworpen. De Hoge Raad bevestigde dat het verzwijgen van de nieuwe dienstbetrekking als bedrog kan gelden en dat de bank terecht de overeenkomst heeft vernietigd.
De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep niet slaagt en dat tegen de beslissing om geen vergoeding toe te kennen geen cassatieberoep openstaat. Verzoekster werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de vernietiging van de ontbindingsvergoeding wegens bedrog.