ECLI:NL:HR:2004:AO1294
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing substitutieregel bij overdracht onderneming en globalisatieregel omzetbelasting
Belanghebbende, een wederverkoper van gebruikte auto's, had een automobielbedrijf overgenomen inclusief een voorraad marge-auto's. Zij wenste de waarde van deze voorraad als marge-inkopen te beschouwen voor de omzetbelasting. De Inspecteur had echter slechts een deel van het teruggaafverzoek ingewilligd en handhaafde dit na bezwaar. Het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de toepassing van de substitutieregel en de globalisatieregel onjuist was, omdat de overnemer de inkoopprijs van de overgedragen goederen niet mocht negeren bij de bepaling van de winstmarge. De Hoge Raad oordeelde dat artikel 5, lid 8, van de Zesde Richtlijn en de daarop gebaseerde nationale regelgeving bepalen dat bij overdracht van een algemeenheid van goederen geen levering plaatsvindt en de overnemer in de plaats treedt van de overdrager.
De Hoge Raad bevestigde dat de overdracht van de voorraad gebruikte goederen geen levering is en dat de overnemer de betaalde prijs niet als inkoopprijs mag meenemen. Tevens oordeelde de Hoge Raad dat de globalisatieregeling niet leidt tot ongerechtvaardigde voordelen voor de overdrager of schade voor de overnemer. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt de toepassing van de substitutieregel en globalisatieregel bij de overdracht van een onderneming.