ECLI:NL:HR:2004:AO3872
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Beëindiging alimentatieplicht en aanvangstermijn overgangsregeling limitering alimentatie
Partijen zijn in 1971 gehuwd en hebben vier kinderen. Na een echtscheiding in 1986 werd de alimentatieverplichting van de man aan de vrouw vastgesteld. In 2001 verzocht de man de rechtbank om de alimentatieplicht te beëindigen, wat werd toegewezen. De vrouw ging in hoger beroep, maar het hof bekrachtigde de beëindiging.
In cassatie stond centraal of de termijn van vijftien jaar uit de overgangsregeling van de Wijzigingswet Boek 1 BW (WLA) begint te lopen vanaf de datum van ontbinding van het huwelijk of vanaf het moment waarop de alimentatieplicht daadwerkelijk is aangevangen. Het hof had geoordeeld dat de termijn begon bij de ontbinding van het huwelijk, maar de Hoge Raad oordeelde dat dit onjuist was.
De Hoge Raad stelde vast dat de tekst en parlementaire geschiedenis van de overgangsregeling duidelijk maken dat voor oude gevallen de termijn aanvangt bij de feitelijke start van de alimentatieplicht, namelijk de datum van rechterlijke uitspraak of overeenkomst. De zaak werd vernietigd en verwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en bepaalt dat de termijn van vijftien jaar voor de overgangsregeling aanvangt bij de feitelijke start van de alimentatieplicht.