ECLI:NL:HR:2004:AO7001
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- H.A.M. Aaftink
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering Holcim tegen curator faillissement Rasters Betonindustrie
Holcim Betonproducten B.V. (voorheen De Hoorn/Nederhemert B.V.) vorderde bij de rechtbank Groningen betaling van ruim 12 miljoen gulden van Rasters Betonindustrie B.V., welke vordering werd betwist en beantwoord met een reconventionele vordering wegens onrechtmatige daad en tekortkomingen. De rechtbank wees de meeste vorderingen af, behalve een deel van circa 836.000 gulden aan Holcim toe. Beide partijen gingen in hoger beroep. Tijdens de procedure werd Rasters failliet verklaard en trad de curator in het faillissement op als partij.
Het hof Leeuwarden bevestigde het vonnis in reconventie en verklaarde het geding in conventie geschorst vanwege het faillissement. Holcim stelde hiertegen cassatieberoep in. De advocaat-generaal adviseerde vernietiging en verwijzing, maar de Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde Holcim in de kosten.
De Hoge Raad oordeelde dat het oordeel van het hof dat Holcim niet had voldaan aan haar afnameverplichting van 800.000 m² product niet onbegrijpelijk was, mede gelet op de processtukken en stellingen van partijen. De overige klachten faalden eveneens. Het arrest werd gewezen door een meervoudige kamer en in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2004.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Holcim Betonproducten B.V. wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.