ECLI:NL:HR:2004:AO9098
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- B.C. Savornin Lohman
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vervangende hechtenis bij verdachte met posttraumatische stressstoornis
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin de verdachte is veroordeeld voor diefstal, poging tot zware mishandeling en mishandeling, met oplegging van een taakstraf en subsidiair vervangende hechtenis. De verdediging voerde aan dat de verdachte vanwege een posttraumatische stressstoornis en psychiatrische voorgeschiedenis ongeschikt is voor detentie, en dat de rechter daarom geen vrijheidsstraf had mogen opleggen zonder gedegen onderzoek naar detentiegeschiktheid.
De Hoge Raad stelt vast dat de verdediging niet gemotiveerd heeft aangevoerd dat de verdachte niet in staat is een vrijheidsstraf te ondergaan, waardoor het middel feitelijke grondslag mist. Tevens benadrukt de Hoge Raad dat de regel dat de rechter moet reageren op een gemotiveerd verweer tegen onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet van toepassing is wanneer de rechter vervangende hechtenis oplegt. Vervangende hechtenis wordt niet als daadwerkelijke vrijheidsbeneming beschouwd, omdat de daadwerkelijke vrijheidsbeneming afhankelijk is van het gedrag van de veroordeelde.
De Hoge Raad concludeert dat het cassatieberoep niet kan slagen en dat er geen reden is om ambtshalve de bestreden uitspraak te vernietigen. Het beroep wordt daarom verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling met taakstraf en vervangende hechtenis blijft in stand.