ECLI:NL:HR:2004:AP1274
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in beklag tegen afwijzing vervolging minister ambtsmisdrijf
Klager verzocht de hoofdofficier van justitie om strafvervolging in te stellen tegen de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken wegens een vermeend ambtsmisdrijf. Dit verzoek werd afgewezen. Klager deed vervolgens beklag bij het gerechtshof, dat zich onbevoegd verklaarde en het beklag naar de Hoge Raad verwees.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het beklag. Hoewel het beklag betrekking had op een strafbaar feit dat de Hoge Raad in eerste aanleg kan behandelen, is de opdracht tot vervolging van een ambtsmisdrijf uitsluitend mogelijk bij Koninklijk besluit of besluit van de Tweede Kamer. De Hoge Raad heeft deze bevoegdheid niet.
Daarom verklaarde de Hoge Raad het beklag niet-ontvankelijk en oordeelde dat oproeping van klager achterwege kan blijven. De beschikking werd gegeven door de raadsheren Fleers, Kop en Numann en in het openbaar uitgesproken door Hammerstein op 9 juli 2004.
Uitkomst: Hoge Raad verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn beklag wegens gebrek aan bevoegdheid tot vervolging van minister.