ECLI:NL:HR:2005:AQ0605
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over passivering backservice pensioenverplichting
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1998 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd die na bezwaar en beroep bij het hof werd gehandhaafd. De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte heeft geoordeeld dat de dienstbetrekking van A bij belanghebbende niet als voortzetting van de eerdere dienstbetrekking bij C BV kon worden beschouwd, waardoor de backservice niet ineens ten laste van de winst mocht worden gebracht.
De Hoge Raad verwijst naar artikel 8 van Pro de Pensioen- en spaarfondsenwet en stelt dat onvoorwaardelijke pensioenrechten, ook voor diensttijd bij een vorige werkgever, het goed koopmansgebruik toestaan de backservice ineens ten laste van de winst te brengen. Hiermee vervalt de beperking uit het eerdere arrest BNB 1985/271.
De Hoge Raad verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van het hof en de inspecteur, vermindert de aanslag tot een belastbaar bedrag van ƒ 1.367.563, en veroordeelt de Staat tot vergoeding van proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag verminderd en de uitspraak van het hof vernietigd.