ECLI:NL:HR:2005:AR6183
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onvoldoende onderbouwing schade door marktreglement handhaving
Eiser exploiteert samen met een partner een tweedehands meubelwinkel aan de Albert Cuypmarkt, waar een markt wordt gehouden die wordt gereguleerd door een marktreglement en een herinrichtingsbesluit. Eiser klaagde over het niet strikt handhaven van regels die de zichtbaarheid en bereikbaarheid van zijn winkel moesten waarborgen, wat volgens hem leidde tot omzetverlies.
Na een bezwaarprocedure en bestuursrechtelijke procedures werd het beroep van eiser door de rechtbank en het hof afgewezen. Het hof oordeelde dat eiser onvoldoende feitelijk had onderbouwd dat het dagelijks bestuur van het stadsdeel onvoldoende had gehandhaafd, mede omdat eiser een aanbod tot voorkeursbehandeling had afgewezen en de omzetdaling vooral werd veroorzaakt doordat hij niet meer regelmatig over een standplaats kon beschikken.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af. De Hoge Raad acht het oordeel van het hof begrijpelijk dat eiser onvoldoende bewijs heeft geleverd voor zijn verwijt en dat de schade hem deels aan zichzelf is toe te rekenen. Hierdoor is het niet onrechtmatig handelen van het dagelijks bestuur jegens eiser vastgesteld.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vordering van eiser wordt afgewezen wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing van onrechtmatig handelen.