ECLI:NL:PHR:2006:AU9729
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over stelplicht en bewijsaanbod bij gebruik optierecht huurovereenkomst kantoorruimte
Delta Lloyd huurde een kantoorgebouw van Victory Real Estate met een huurovereenkomst die een optieregeling bevatte voor verlenging van de huur. Delta Lloyd gaf per fax aan geen gebruik te maken van het optierecht en zegde de huur op. Op dezelfde dag werd het pand aan William House overgedragen, die de opzegging betwistte en stelde dat slechts een deel van de ruimte was opgezegd.
De rechtbank aanvaardde een verweer van Delta Lloyd dat in cassatie niet meer speelde, maar het hof verwierp het verweer dat Delta Lloyd tijdig aan Victory had meegedeeld het optierecht niet te zullen uitoefenen, omdat dit onvoldoende was gesteld. Delta Lloyd stelde in cassatie dat het hof ten onrechte te streng was geweest in de beoordeling van haar stelplicht en bewijsaanbod.
De Hoge Raad benadrukt dat de rechter terughoudend moet zijn in het voorbijgaan aan stellingen die een belangrijke plaats innemen in het geschil, zeker als er een bewijsaanbod is gedaan. De onderbouwing van Delta Lloyd was niet grondig, maar ook niet zo gebrekkig dat het hof er aan voorbij mocht gaan zonder nadere motivering.
De Hoge Raad constateert dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom Delta Lloyd niet aan haar stelplicht zou hebben voldaan en dat het oordeel van het hof op dit punt te beperkt was. Daarom wordt het arrest van het hof vernietigd en wordt de zaak terugverwezen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens een te strenge toets aan de stelplicht en bewijsaanbod van Delta Lloyd.