ECLI:NL:HR:2005:AR7927
Hoge Raad
- Cassatie
- H.A.M. Aaftink
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- W.A.M. van Schendel
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van vordering tot betaling door vennootschap onder firma en mede-eisers
Eiseres vorderde bij de kantonrechter betaling van een bedrag van €1.133,71, vermeerderd met wettelijke rente, van de vennootschap onder firma Mico Sport VOF en twee mede-eisers. De vordering werd betwist en na bewijslevering, enquête en contra-enquête wees de kantonrechter de vordering af.
Eiseres stelde beroep in cassatie in tegen het eindvonnis van de kantonrechter. De andere partijen verschenen niet in cassatie, waarna verstek werd verleend. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
Het cassatieberoep werd verworpen en eiseres werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie, die aan de zijde van Mico c.s. op nihil werden begroot.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en de afwijzing van haar vordering blijft in stand.