ECLI:NL:HR:2005:AS2710
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- W.A.M. van Schendel
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewijsuitsluiting partijgetuigenverklaringen in civiele zaak over puin in tuin
In deze civiele procedure vorderden eisers schadevergoeding wegens de aanwezigheid van puin in hun tuin. De rechtbank veroordeelde verweerders tot vergoeding van 50% van de schade, maar het gerechtshof vernietigde dit vonnis en wees de vordering af. Eisers stelden beroep in cassatie in tegen beide arresten.
De Hoge Raad verklaarde het beroep tegen het tussenarrest niet-ontvankelijk omdat eisers geen middelen tegen dat arrest hadden aangevoerd. Het beroep tegen het eindarrest werd verworpen. De Hoge Raad bevestigde dat verklaringen van partijgetuigen, zoals die van eisers zelf, op grond van artikel 164 Rv Pro (oud artikel 213 Rv Pro) geen zelfstandig bewijs kunnen opleveren, ook niet als ze elkaar zouden ondersteunen.
De Hoge Raad oordeelde dat het te ver zou gaan om op basis van partijgetuigenverklaringen alleen de juistheid van stellingen te aanvaarden ondanks tegenspraak van de tegenpartij. Hiermee werd het arrest van het hof bekrachtigd, waarbij de vordering van eisers werd afgewezen. Eisers werden veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het cassatieberoep tegen het tussenarrest werd niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het eindarrest verworpen, waarbij de vordering van eisers werd afgewezen.