ECLI:NL:HR:2005:AS4174
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid Sobi in vorderingen tegen Zuivelcoöperatie De Zeven Provinciën
De Stichting Onderzoek Bedrijfsinformatie SOBI trad namens 212 leden van de voormalige coöperatieve vereniging Heino Krause op tegen de rechtsopvolger Zuivelcoöperatie De Zeven Provinciën (DZP). Sobi vorderde schadevergoeding wegens wanbeleid en onrechtmatig handelen van voormalig directeur [betrokkene 1] en onrechtmatig handelen van Coberco, de rechtsvoorgangster van DZP.
De rechtbank verklaarde Sobi niet-ontvankelijk omdat leden van een coöperatieve vereniging geen rechtstreekse vordering kunnen instellen tegen de vereniging zonder schending van een specifieke zorgvuldigheidsnorm. Het hof bevestigde dit oordeel en oordeelde tevens dat de leden door goedkeuring van de fusievoorwaarden afstand hadden gedaan van het recht om Coberco aan te spreken voor tekorten uit de periode vóór 1991.
Sobi stelde cassatieberoep in tegen het oordeel van het hof, onder meer over de uitleg van de procesvolmacht en de afstand van recht. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de procesvolmacht juist had uitgelegd en dat de afstand van recht door de leden rechtsgeldig was. Het cassatieberoep werd verworpen en Sobi werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van Sobi en bevestigt haar niet-ontvankelijkheid in de vorderingen tegen DZP.