ECLI:NL:HR:2005:AS8917
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over onrechtmatige daad en uitvoerbaarverklaring bij voorraad in faillissementszaak Vie d'Or
De zaak betreft een civiel geschil over onrechtmatige daad jegens oud-polishouders en crediteuren van de failliete levensverzekeraar Vie d'Or. De Stichting Vie d'Or en curatoren vorderden schadevergoeding van de Verzekeringskamer, accountants en actuaris wegens onrechtmatig handelen.
De rechtbank verklaarde de Stichting en curatoren grotendeels niet-ontvankelijk, maar oordeelde dat de accountants onrechtmatig hadden gehandeld jegens bepaalde oud-polishouders. De Stichting en curatoren gingen in hoger beroep en wijzigden hun vorderingen, waarbij onder meer een verklaring voor recht en schadevergoeding werden geëist namens duizenden polishouders en crediteuren.
Het hof stelde een inlichtingencomparitie in en opende tussentijds cassatieberoep. De Stichting verzocht om uitvoerbaarverklaring bij voorraad van een tussentijds arrest om tijdverlies te voorkomen, gezien het belang van de gedupeerden. De accountants verzetten zich hiertegen vanwege het risico op onnodige kosten.
De Hoge Raad oordeelde dat de maatstaf voor uitvoerbaarverklaring bij voorraad ook voor tussenuitspraken geldt, maar dat terughoudendheid geboden is. Gelet op de belangenafweging en de beperkte tijdwinst wees de Hoge Raad de incidentele vordering af. De Stichting werd veroordeeld in de kosten van het incident.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst de incidentele vordering tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad af en veroordeelt de Stichting in de kosten van het incident.