ECLI:NL:HR:2005:AT4646
Hoge Raad
- Herziening
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart aanvraag tot herziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken einduitspraak en onvoldoende bewijs
De Hoge Raad behandelde een aanvraag tot herziening van twee vonnissen van de Politierechter te Rotterdam en een met transactie afgedane zaak. De aanvrager was in 2000 en 2003 veroordeeld voor diefstal en had tevens een transactie betaald voor een soortgelijke zaak.
De Hoge Raad oordeelde dat herziening van een met transactie afgedane zaak niet mogelijk is omdat dit geen einduitspraak met veroordeling betreft zoals vereist in art. 457 Sv Pro. Daarnaast stelde de Hoge Raad dat de aanvrage onvoldoende bewijsmiddelen bevatte om te staven dat een ander dan de aanvrager de feiten had gepleegd, ondanks dat dit als omstandigheid was aangevoerd.
Op grond van deze motieven verklaarde de Hoge Raad de aanvraag tot herziening niet-ontvankelijk. Hiermee werd bevestigd dat alleen aanvragen die voldoen aan strikte wettelijke voorwaarden en voldoende onderbouwd zijn, ontvankelijk kunnen worden verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een einduitspraak en onvoldoende bewijs.