ECLI:NL:HR:2005:AT6831
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering in huurgeschil over herstelkosten
Intermaris, handelend onder de naam Intermaris Woondiensten, vorderde van de huurder betaling van een bedrag van ƒ 35.555,58 voor herstelkosten van aangebrachte wijzigingen in een huurwoning. De kantonrechter wees de vordering af, maar het hof Amsterdam vernietigde dit en veroordeelde de huurder tot betaling van een deelbedrag van € 3.585,73.
Intermaris stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De huurder verscheen niet in cassatie, waardoor verstek werd verleend. De advocaat-generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten in het cassatiemiddel niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat er geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwierp het beroep van Intermaris en veroordeelde haar in de kosten van het geding in cassatie, die nihil werden begroot. Hiermee bleef het arrest van het hof Amsterdam in stand, waarmee de vordering van Intermaris grotendeels werd afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest van het hof dat de vordering van Intermaris grotendeels afwees.