ECLI:NL:HR:2005:AU4526
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid van onjuiste vergunninginformatie door overheidsorgaan niet ter discussie bij burgerlijke rechter
In deze zaak stond centraal de vraag of de burgerlijke rechter mag toetsen aan de rechtmatigheid van door een overheidsorgaan verstrekte onjuiste inlichtingen over vergunningseisen voorafgaand aan de vergunningverlening. Eiseres vorderde schadevergoeding wegens een vermeende onrechtmatige daad van de Gemeente Lith.
De rechtbank wees de vorderingen af en het gerechtshof bekrachtigde dit oordeel. Eiseres stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad overwoog dat op grond van artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie de formele rechtskracht van bestuursrechtelijke besluiten ertoe leidt dat de burgerlijke rechter niet kan toetsen aan de rechtmatigheid van de door het bestuursorgaan verstrekte inlichtingen voorafgaand aan de vergunningverlening.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde eiseres in de kosten van het geding. De klachten van eiseres konden niet tot cassatie leiden en behoefden geen nadere motivering omdat zij niet relevant waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Deze uitspraak bevestigt de grenzen van de burgerlijke rechter bij het toetsen van bestuursrechtelijke handelingen en benadrukt de formele rechtskracht van bestuursbesluiten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de burgerlijke rechter de rechtmatigheid van door een overheidsorgaan verstrekte onjuiste vergunninginformatie niet kan toetsen.