ECLI:NL:HR:2005:AU4933
Hoge Raad
- Herziening
- F.H. Koster
- J.W. Ilsink
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek in zaak ontucht met minderjarig kind
De zaak betreft een herzieningsverzoek tegen een vonnis van de Rechtbank Rotterdam van 24 oktober 2001, waarbij de aanvrager is veroordeeld voor ontucht met zijn minderjarig kind en tot 24 maanden gevangenisstraf is veroordeeld met TBS-verpleging.
De Hoge Raad beoordeelt het verzoek aan de hand van de wettelijke gronden voor herziening, waaronder tegenstrijdige bewezenverklaringen en nieuwe omstandigheden die tot vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging zouden kunnen leiden. Een eerdere herzieningsaanvraag was reeds afgewezen.
In het aanvullend verzoek wordt verwezen naar een gerechtelijk vooronderzoek naar valse aangifte door slachtoffers, maar de uitkomst daarvan is onzeker en schept geen ernstig vermoeden dat het vonnis onjuist is. Ook een verklaring van het slachtoffer, die onder druk zou zijn afgelegd, is later ingetrokken.
De Hoge Raad verklaart het verzoek niet-ontvankelijk voor de reeds beoordeelde gronden en wijst het verzoek voor het overige af, waarmee het oorspronkelijke vonnis in stand blijft.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige afgewezen.