ECLI:NL:HR:2006:AT8957
Hoge Raad
- Cassatie
- A.G. Pos
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- A.R. Leemreis
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over toepassing 30%-regeling en kortingsregeling loonbelasting
Belanghebbende vroeg op 31 oktober 2002 toepassing van de 30%-regeling op grond van artikel 15a van de Wet op de loonbelasting 1964. De Inspecteur wees dit verzoek af en handhaafde dit na bezwaar. Het Hof verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat de Inspecteur opnieuw uitspraak moest doen met inachtneming van het arrest. De Staatssecretaris stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het Hof, belanghebbende stelde incidenteel beroep in.
De kern van het geschil betrof de toepassing van de kortingsregeling uit artikel 9e van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965, met name de vraag welke eerdere periodes van verblijf en tewerkstelling in Nederland in aanmerking genomen moeten worden bij de berekening van de korting. Het Hof had geoordeeld dat perioden die meer dan vijftien jaar voor de aanvang van de huidige tewerkstelling eindigden, buiten beschouwing moesten blijven, en dat de periode voor 25 juli 1989 slechts gedeeltelijk in aanmerking werd genomen.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte de periode van 1962 tot 25 juli 1989 niet volledig had meegeteld. De periode van 1 juli 1991 tot 15 september 1992 viel niet onder de versoepeling van lid 3 van artikel 9e, zodat deze integraal moest worden gekort. Ook de periode van 1962 tot 25 juli 1989 moest volledig in mindering worden gebracht. Het incidentele beroep werd ongegrond verklaard, het principale beroep gegrond, en het arrest van het Hof vernietigd. De Hoge Raad verklaarde het beroep tegen de beschikking van de Inspecteur ongegrond.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verklaart het beroep tegen de beschikking van de Inspecteur ongegrond.