ECLI:NL:HR:2006:AU5706
Hoge Raad
- Cassatie
- H.A.M. Aaftink
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Verzoek om partneralimentatie na echtscheiding afgewezen door Hoge Raad
De vrouw verzocht de rechtbank om echtscheiding uit te spreken en partneralimentatie van €3.650 per maand van de man te verkrijgen. De rechtbank wees dit toe en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. De man stelde hoger beroep in tegen de partneralimentatie, waarna het hof de beschikking vernietigde en het verzoek om partneralimentatie afwees.
De vrouw stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen deze afwijzing. De man verzocht het cassatieberoep te verwerpen. De Advocaat-Generaal adviseerde eveneens tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de afwijzing van de partneralimentatie definitief werd.
De uitspraak bevestigt de beoordelingsvrijheid van lagere rechters bij partneralimentatie en benadrukt het restrictieve karakter van cassatie bij feitelijke geschillen zonder belangrijke rechtsvragen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van partneralimentatie door het hof.