ECLI:NL:HR:2006:AU9726
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt belang zaaddonor bij stiefouderadoptie wegens family life
In deze zaak stond de vraag centraal of een man die als zaaddonor heeft bijgedragen aan de geboorte van een kind, als ouder kan worden aangemerkt en daarmee belanghebbende is bij een verzoek tot stiefouderadoptie. De moeder en haar partner verzochten om adoptie van het kind door de partner, terwijl de man zich hiertegen verzette.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat de man geen belanghebbende was omdat zijn contact met het kind te beperkt was om van family life in de zin van art. 8 EVRM Pro te spreken. De rechtbank sprak vervolgens de adoptie uit. Het hof vernietigde deze beslissingen en oordeelde dat er wel sprake is van family life tussen de man en het kind, mede vanwege de afspraken over omgang en de langdurige affectieve relatie. Hierdoor kwalificeert de man als ouder volgens art. 1:227 lid 3 BW Pro en heeft hij belang bij zijn verzet tegen de adoptie.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en verwierp het cassatieberoep. Het hof had terecht geoordeeld dat het biologische vaderschap in combinatie met het bestaan van family life de man tot ouder maakt in de zin van de wet, waardoor hij belanghebbende is. De Hoge Raad wees ook klachten over de rol van de donor af en benadrukte dat de beoordeling van erkenning en adoptie los van elkaar moet plaatsvinden. De adoptie werd afgewezen vanwege het belang van het kind en de juridische gevolgen van het verbreken van de banden met de oorspronkelijke ouder.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de zaaddonor als ouder belanghebbende is bij de stiefouderadoptie, waardoor de adoptie niet kon worden uitgesproken.