ECLI:NL:HR:2006:AU9735
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Weigering van schone lei bij beëindiging schuldsaneringsregeling
De schuldenaren waren onderworpen aan een schuldsaneringsregeling die door de rechtbank Arnhem definitief was uitgesproken met benoeming van een bewindvoerder en rechter-commissaris. Na een verzoek tot beëindiging van de regeling stelde de rechtbank in 2003 een saneringsplan vast met diverse verplichtingen voor de schuldenaren.
In 2005 oordeelde de rechtbank dat de schuldsaneringsregeling eindigde met het verbindend worden van de slotuitdelingslijst, maar dat de schuldenaren toerekenbaar tekort waren geschoten in de nakoming van verplichtingen uit de regeling. De schuldenaren stelden hiertegen hoger beroep in en verzochten om beëindiging van de regeling met verstrekking van de schone lei of subsidiair voortzetting tot verkoop van een televisie.
Het gerechtshof Arnhem bekrachtigde het vonnis van de rechtbank, waarna de schuldenaren cassatieberoep instelden. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep zonder nadere motivering, omdat de klachten niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling leiden.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de weigering van de schone lei wordt bekrachtigd.