ECLI:NL:HR:2006:AV0631

Hoge Raad

Datum uitspraak
7 april 2006
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
C05/013HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • H.A.M. Aaftink
  • O. de Savornin Lohman
  • J.C. van Oven
  • E.J. Numann
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitleg van bepalingen in algemene voorwaarden bij incasso-overeenkomst

De zaak betreft een geschil tussen Duplicado B.V. en Juresta Nederland B.V. over de uitleg van bepalingen in de algemene voorwaarden van een incasso-overeenkomst. Juresta vorderde betaling van een bedrag van ƒ 8.859,99 vermeerderd met rente, welke door Duplicado werd betwist.

De kantonrechter veroordeelde Duplicado tot betaling van € 4.020,31 plus rente. Dit vonnis werd bekrachtigd door het gerechtshof te 's-Hertogenbosch in hoger beroep. Duplicado stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en wees het beroep af zonder nadere motivering, gelet op artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. Tevens werd Duplicado veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.

Deze uitspraak bevestigt de uitleg van de algemene voorwaarden zoals toegepast door de lagere rechterlijke instanties en onderstreept het belang van duidelijke contractuele bepalingen in incasso-overeenkomsten.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Duplicado wordt verworpen en de veroordeling tot betaling aan Juresta blijft in stand.

Uitspraak

7 april 2006
Eerste Kamer
Nr. C05/013HR
RM/JMH
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
DUPLICADO B.V.,
gevestigd te Breda,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
JURESTA NEDERLAND B.V., handelende onder de naam Juresta Creditmanagement,
gevestigd te Apeldoorn,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. H.A. Groen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Verweerster in cassatie - verder te noemen: Juresta - heeft bij exploot van 20 juni 2001 eiseres tot cassatie - verder te noemen: Duplicado - gedagvaard voor de kantonrechter te Breda en gevorderd Duplicado te veroordelen aan Juresta te betalen een bedrag van ƒ 8.859,99, te vermeerderen met de contractuele rente over dit bedrag vanaf 24 mei 2001 tot aan de dag der algehele voldoening.
Duplicado heeft de vordering bestreden.
De rechtbank (sector kanton) heeft bij vonnis van 27 februari 2002, hersteld bij vonnis van 11 september 2002, Duplicado veroordeeld aan Juresta te betalen de som van € 4.020,31 te vermeerderen met contractuele rente en wettelijke rente.
Tegen dit vonnis heeft Duplicado hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Bij arrest van 20 januari 2004 heeft het hof het beroepen vonnis bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Duplicado beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploot zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Juresta heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal D.W.F. Verkade strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Duplicado in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Juresta begroot € 359,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren H.A.M. Aaftink, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en J.C. van Oven, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 7 april 2006.