ECLI:NL:HR:2006:AV1261

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 juni 2006
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
41394
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • A.E.M. van der Putt-Lauwers
  • F.W.G.M. van Brunschot
  • P. Lourens
  • C.B. Bavinck
  • E.N. Punt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
8 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt geldigheid aanslag schenking ondanks foutief jaar op aanslagbiljet

Belanghebbende kreeg een aanslag opgelegd in het recht van schenking over een verkrijging van ruim 28 miljoen euro. Hoewel de schenking in 1998 plaatsvond, vermeldde het aanslagbiljet ten onrechte het jaar 2002. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag en het Hof verklaarde het beroep ongegrond.

Belanghebbende stelde in cassatie dat het Hof de aanslag had moeten vernietigen vanwege de foutieve jaaraanduiding op het aanslagbiljet. De Hoge Raad oordeelde dat deze kennelijke vergissing geen onzekerheid veroorzaakte over de feitelijke verkrijging in 1998 en dat het Hof daarom terecht geen gevolg aan de fout verbond.

De overige middelen faalden eveneens zonder nadere motivering, mede omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. De Hoge Raad wees het beroep af en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft gehandhaafd ondanks de foutieve jaaraanduiding.

Uitspraak

Nr. 41.394
2 juni 2006
RvS
gewezen op het beroep in cassatie van X2 te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 2 november 2004, nr. BK-02/03755, betreffende na te melden aanslag in het recht van schenking.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is een aanslag in het recht van schenking opgelegd naar een verkrijging van € 28.987.529, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft het beroep ongegrond verklaard. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
De Staatssecretaris heeft een conclusie van dupliek ingediend.
De Advocaat-Generaal R.E.C.M. Niessen heeft op 22 december 2005 geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep in cassatie.
Belanghebbende heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
3.1.1. Middel 1 betoogt onder meer dat het Hof de aanslag had moeten vernietigen op de grond dat het aanslagbiljet als jaar van schenking vermeldt 2002 terwijl de schenking - naar niet in geschil is - in 1998 heeft plaatsgevonden.
3.1.2. Nu de vermelding van het jaartal 2002 op het aanslagbiljet geen onzekerheid erover heeft doen ontstaan dat de aanslag zag op de verkrijging welke belanghebbende in 1998 ten deel was gevallen, heeft het Hof terecht aan deze kennelijke vergissing geen gevolg verbonden. Middel 1 faalt derhalve in zoverre.
3.2. Ook voor het overige kunnen de middelen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de middelen in zoverre niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.E.M. van der Putt-Lauwers als voorzitter, en de raadsheren F.W.G.M. van Brunschot, P. Lourens, C.B. Bavinck en E.N. Punt, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 2 juni 2006.