ECLI:NL:HR:2006:AV5091
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- J.W. van den Berge
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over vergoeding kosten bezwaarprocedure belastingnavorderingen
Belanghebbende, enig aandeelhouder van een vennootschap die firmant is in meerdere vennootschappen onder firma, was betrokken bij navorderingsaanslagen inkomstenbelasting over de jaren 1994-1996. Het hof had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en het onderzoek heropend voor een nadere uitspraak over vergoeding van kosten van rechtsbijstand in de bezwaarfase. Bij die nadere uitspraak wees het hof het verzoek af, omdat niet aannemelijk was dat de kosten daadwerkelijk op belanghebbende drukten.
Belanghebbende stelde dat de kosten die aan de vennootschappen onder firma waren doorberekend uiteindelijk ook door hem gedragen werden, en dat de kosten gezamenlijk en onlosmakelijk met elkaar waren behandeld. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het niet aannemelijk zou zijn dat belanghebbende de kosten draagt, juist ook omdat de betrokkenen niet meer met elkaar communiceren. De Hoge Raad stelde dat in een dergelijke situatie het juist aannemelijk is dat de kosten door belanghebbende worden gedragen.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest van het hof en verwees de zaak naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens veroordeelde de Staat tot vergoeding van griffierecht en kosten van het cassatiegeding aan de zijde van belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling met inachtneming van dit arrest.