ECLI:NL:HR:2006:AV6047
Hoge Raad
- Cassatie
- H.A.M. Aaftink
- O. de Savornin Lohman
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Geschil over vervanging mentor tussen familieleden
Bij beschikking van 11 september 2001 werd de broer benoemd tot mentor en bewindvoerder van betrokkene. Op verzoek van betrokkene werd de kantonrechter verzocht om de zus als mentor te benoemen in plaats van de broer. De kantonrechter ontsloeg de broer als mentor en benoemde de zus op 15 juli 2003. De broer ging in hoger beroep bij het Gerechtshof, dat de beschikking van de kantonrechter op 28 april 2004 bekrachtigde.
De broer stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat er geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt daarmee de benoeming van de zus als mentor. De beschikking is gegeven door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer op 9 juni 2006.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de benoeming van de zus als mentor.