ECLI:NL:HR:2006:AX3202
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- W.A.M. van Schendel
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing schadevergoeding wegens tekortschieten bank in zorgplicht bij effectenbevoorschotting
In deze zaak vorderden meerdere cliënten van ING Bank schadevergoeding wegens verliezen die zij leden door effectenbevoorschottingsovereenkomsten met de bank. Zij stelden dat de bank tekort was geschoten in haar zorgplicht in de adviesrelatie, waardoor zij schade hadden geleden door gedwongen verkopen en verliezen op effecten.
De rechtbank wees de vorderingen af en veroordeelde de eisers in de proceskosten. Het hof bekrachtigde dit vonnis en veroordeelde de eisers eveneens in de kosten van hoger beroep. Tegen dit arrest stelde de eisers cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling hoefden te worden beantwoord. Het beroep werd verworpen en de eisers werden veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Hiermee blijft de eerdere afwijzing van de schadevergoedingsvorderingen tegen ING Bank in stand, waarbij de bank niet aansprakelijk werd gehouden voor tekortkomingen in de zorgplicht bij effectenbevoorschotting.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de cliënten wordt verworpen en de eerdere afwijzing van hun schadevergoedingsvorderingen tegen ING Bank wordt bekrachtigd.